Nederlands  ·  1A  ·  Eerste graad

Nawoord
Op weg naar het examen

Alles wat je geleerd hebt, samengebracht — en wat nu?

Aan het einde van dit boek …

Ergens aan het begin van dit schooljaar opende je dit boek voor het eerst. Misschien wist je niet goed wat je kon verwachten van een vak dat je al je hele leven "kende". Nederlands — dat spreek je toch gewoon?

Maar je hebt intussen ontdekt dat communiceren meer is dan woorden kennen. Dat een tekst lezen meer is dan begrijpen wat er staat. Dat schrijven meer is dan woorden op papier zetten. En dat de taal die jij elke dag gebruikt — in je berichten, je gesprekken, je gedachten — een fascinerende, levende structuur heeft die je nu kunt benoemen en bewust gebruiken.

Je bent klaar voor het examen. Niet omdat je alles perfect beheerst — dat doet niemand — maar omdat je de gereedschappen hebt om elke taaltaak aan te pakken die op je pad komt. Lees rustig dit nawoord. Het helpt je de puzzelstukjes op hun plek te leggen.

1

Wat heb je geleerd? Een overzicht

Dit boek was opgebouwd rond vier domeinen. Hier is een overzicht van wat elk domein omvatte en waar je het terugvindt.

Domein 1

Lezen & luisteren

H1 · H2 · H3 · H4
Tekstbegrip, tekstsoorten, betrouwbaarheid, notities

Domein 2

Schrijven & spreken

H5 · H6 · H7 · H8 · H9
Communicatiemodel, informatie geven, instructies, mening, verhalen

Domein 3

Taalbeschouwing & taalkennis

H10 · H11 · H12 · H13 · H14
Woordenschat, spelling, woordsoorten, zinsdelen, taalvariëteiten

Domein 4

Literatuur

H15
Fictie, non-fictie, personages, verhaallijn, reflectievragen

💬 Denkvraag

In welk domein ben je het meest gegroeid? Vergelijk je antwoord met wat je aan het begin van het jaar dacht — klopt je voorspelling nog?

2

Zo ziet je examen eruit

Het examen van de Examencommissie secundair onderwijs bestaat uit drie onderdelen:

De drie onderdelen

  • Spreekopdracht (thuis) — Je bereidt een mondelinge taak voor en dient die in vóór je digitale examen. Je krijgt hiervoor een kader ter ondersteuning.
  • Digitaal examen (examencentrum in Brussel) — Je maakt opdrachten voor lezen, luisteren en schrijven. Tijdens het examen mag je een spellingcontrole en een eenvoudig woordenboek gebruiken.
  • Gesprek (mondeling, na het digitale examen) — Je krijgt 15 minuten voorbereidingstijd voor 2 opdrachten. Het gesprek duurt 10 minuten. Je bespreekt ook de 2 boeken die je las.

De verdeling van de punten:

Spreken (spreekopdracht)8%
Luisteren en lezen60%
Schrijven en schriftelijke interactie16%
Gesprekken16%
Belangrijk: Literaire competentie en taalbeschouwing komen aan bod bij de andere vaardigheden — ze vormen geen apart onderdeel, maar zijn verweven in alle taken.
3

Je persoonlijke voorbereiding

Checklist examenvoorbereiding

  • Ik heb 2 boeken gelezen van de lectuurlijst en kan ze bespreken aan de hand van de 6 reflectievragen (H15)
  • Ik kan de hoofdgedachte en hoofdpunten van een tekst bepalen (H1)
  • Ik kan de 6 tekstsoorten herkennen en benoemen (H2)
  • Ik kan de 10 betrouwbaarheidscriteria toepassen op een tekst (H3)
  • Ik begrijp het communicatiemodel en kan het toepassen (H5)
  • Ik kan een tekst schrijven met correcte IMS-structuur (H6, H7, H8, H9)
  • Ik weet het verschil tussen een feit en een mening (H3, H8)
  • Ik ken de 10 woordsoorten en kan ze herkennen in een zin (H12)
  • Ik kan de zinsdelen aanduiden in een enkelvoudige zin (H13)
  • Ik kan de spellingregels toepassen (H11)
  • Ik begrijp het verschil tussen dialect, tussentaal en Standaardnederlands (H14)
  • Ik kan een mening formuleren met minstens 2 argumenten (H8)
  • Ik kan notities nemen bij een tekst of een luisterfragment (H4)
💬 Denkvraag

Welke drie punten op de checklist verdienen nog extra aandacht? Ga terug naar die hoofdstukken en bekijk de samenvatting opnieuw.

4

De lectuurlijst

Voor het mondeling examen lees je 2 boeken uit onderstaande lijst. Je kiest ze zelf. Duid je keuze aan op het platform van de Examencommissie — dat kan tot 3 dagen voor het examen. Je hoeft de boeken niet mee te brengen naar het examen.

Beckman Thea — Hasse Simonsdochter

Beerten Els — Lopen voor je leven

Bracke Dirk — Een vlieg op de muur

Debyser Gerda — Sterrenlicht

De Smet Marian — Rotmoevie

Geleyn Frank — Bloed op het schoolplein

Kuyper Sjoerd — Hotel De Grote L

Lindelauf Benny — Hoe Tortot zijn vissenhart verloor

Minne Brigitte — Paultje, echt geen jongen

Misschaert Inge — De pompoenmoorden

Moeyaert Bart — De Melkweg

Molemaker Rom — Een gang met gele deuren

Ruggenberg Rob — Haaieneiland

Rutgers van der Loeff Ann — De kinderkaravaan

Schaap Annet — Lampje

Slee Carry — Spijt!

Smids Annejoke — Schimmenjagers

Van der Geest Simon — Spijkerzwijgen

Van Olmen Peter — De kleine Odessa (boek 1)

Van Praag Anna — Kom hier Rosa

Vreeswijk Helen — Zwijgplicht

Wallis de Vries Mel — Vals

Woltz Anna — Alaska

Tot slot