Mythen die bleven  ·  Mesopotamië

Het epos van Gilgamesj

Het oudste grote verhaal ter wereld — over vriendschap, dood en de zoektocht naar het eeuwige leven

Profiel
Soort verhaal Heldenepos (lang verhalend gedicht)
Herkomst Mesopotamië (Soemerië, later Babylonië)
Ouderdom Oudste delen ca. 2100 v.Chr.; volledige versie ca. 1200 v.Chr.
Bekend uit Kleitabletten in spijkerschrift, o.a. uit de bibliotheek van koning Assurbanipal
Relevante hoofdstukken H10 (Mesopotamië & het ontstaan van het schrift)

Het verhaal

Lang, heel lang geleden regeerde in de stad Uruk een koning met de naam Gilgamesj. Hij was voor twee derde god en voor een derde mens, vertelt het verhaal, en hij was sterker en machtiger dan wie ook. Maar hij was ook hoogmoedig: hij liet zijn onderdanen zo hard werken aan de muren van zijn stad dat ze de goden om hulp smeekten. De goden besloten Gilgamesj een gelijke te geven, iemand die hem kon evenaren.

Zo ontstond Enkidu, een wildeman die opgroeide tussen de dieren in de steppe. Toen Gilgamesj en Enkidu elkaar voor het eerst ontmoetten, vochten ze een geweldig gevecht uit. Geen van beiden won — en juist daardoor werden ze de allerbeste vrienden. Samen beleefden ze grote avonturen: ze trokken naar het verre cederwoud en versloegen daar het angstaanjagende monster Choembaba, de bewaker van het bos.

De dood van een vriend

Maar avonturen hebben gevolgen. Omdat de twee vrienden ook een hemelse stier hadden gedood die de godin Isjtar op hen had afgestuurd, besloten de goden dat een van hen moest sterven. De keuze viel op Enkidu. Hij werd ziek en stierf, en Gilgamesj bleef radeloos achter. Voor het eerst in zijn leven werd de machtige koning geconfronteerd met iets waar zijn kracht niets tegen kon beginnen: de dood.

Verteerd door verdriet en door angst voor zijn eigen sterfelijkheid, ging Gilgamesj op reis. Hij wilde het geheim van het eeuwige leven vinden. Hij zocht Oetnapisjtim op, de enige mens die ooit onsterfelijk was geworden — de man die, net als Noach later in de Bijbel, een grote zondvloed had overleefd door een schip te bouwen. Oetnapisjtim vertelde hem dat het eeuwige leven niet voor gewone mensen is weggelegd.

Een wijze les

Toch kreeg Gilgamesj nog een kans: er bestond een wonderplant op de bodem van de zee die de jeugd kon teruggeven. Hij dook ernaar en vond ze — maar terwijl hij rustte, stal een slang de plant en gleed weg. Gilgamesj keerde met lege handen terug naar Uruk. Daar besefte hij iets belangrijks: hij zou nooit onsterfelijk worden, maar de machtige muren van zijn stad zouden blijven bestaan, lang nadat hij gestorven was. Wat een mens nalaat, dat is zijn vorm van eeuwig leven.

Wat is waar, wat is mythe?

Hier komt een mooi onderscheid in beeld dat je ook in het leerboek tegenkomt: het verschil tussen het verleden (alles wat ooit echt gebeurd is) en de geschiedenis (het verhaal dat wij over dat verleden vertellen op basis van bronnen). Het epos van Gilgamesj zit precies op de grens tussen die twee.

Wat is waarschijnlijk waar? Historici denken dat Gilgamesj echt heeft bestaan. Op heel oude Soemerische koningslijsten staat een koning Gilgamesj van Uruk vermeld, die ergens rond 2700 v.Chr. geregeerd zou hebben. Uruk zelf was een echte, grote stad — archeologen hebben de resten ervan opgegraven, met indrukwekkende stadsmuren. Een koning die machtige muren liet bouwen, dat kan dus best historisch zijn.

Wat is duidelijk mythe (verzonnen)? Dat Gilgamesj voor twee derde god was, dat hij monsters versloeg en met goden sprak, dat hij een wonderplant zocht. Zulke dingen kunnen niet echt gebeurd zijn. Ze zijn er later bij verzonnen om het verhaal spannender en betekenisvoller te maken — dat noemen we mythevorming: rond een echte kern groeit in de loop van eeuwen een steeds groter verhaal.

Hoe weten historici dat? Door bronnen te vergelijken en kritisch te bekijken. Een naam op een nuchtere koningslijst is een ander soort bron dan een verhaal vol goden en monsters. Door verschillende bronnen naast elkaar te leggen en zich af te vragen wie iets schreef en waarom, kunnen historici voorzichtig de historische kern van de latere verzinsels onderscheiden.

Wist je dat?

Het verhaal van Oetnapisjtim die een grote vloed overleeft door een schip te bouwen, lijkt sterk op het verhaal van Noach in de Bijbel — maar het epos van Gilgamesj is vele eeuwen ouder. Verhalen reizen door de tijd en springen van volk naar volk.

Het epos was eeuwenlang volledig vergeten. Pas in 1872 ontcijferde een Britse onderzoeker, George Smith, de kleitabletten. Toen hij bij het vloedverhaal aankwam, raakte hij zo opgewonden dat hij naar verluidt door de kamer begon te rennen en zijn kleren uittrok.

Het verhaal is bewaard gebleven op kleitabletten in spijkerschrift — precies het schrift waarover je leert in het hoofdstuk over Mesopotamië. Zonder dat schrift hadden we dit verhaal nooit gekend.

Verbinding met het leerboek

Relevante hoofdstukken
  • H10 — Mesopotamië & het schrift: de stadstaten zoals Uruk, het ontstaan van het spijkerschrift en de eerste geschreven verhalen. Het epos van Gilgamesj is het oudste grote literaire werk dat we kennen en toont meteen waar geschreven bronnen voor dienden: niet alleen voor boekhouding, maar ook voor verhalen, geloof en het doorgeven van wijsheid.